
Zeer mooi kunstwerk langs het strand van Valencia. 's Avonds i s het dan ook nog mooi verlicht.
Plaza de la Verge
De Arena naast het station van Valencia
Het stadhuis van Valencia
Dag 56 dinsdag 23 juni 2009: Valencia: Costa del Azahar: Spanje
De fietsjes werden weer boven gehaald, want het kunsthistorisch gedeelte van de stad kon nog wat aandacht gebruiken. Onze plannen waren groot en we hadden de kaart altijd niet meer nodig.
De grootste winkelwijk ligt rond het Plaza del Ayuntamiento en reikt tot de straten Calle Don Juan de Austria en Calle Colón. Valencia is het paradijs van de schoenen en wat denk je? Moeilijk kiezen, maar het lukte.
-El Mercado Central is de plaats bij uitstek waar al eeuwen handel gedreven wordt. Pas aan het begin van de 20ste eeuw kregen de marktkramers er hun eigen overdekte ruimte, die tussen 1910 en 1928 gebouwd werd. Hiermee was het meteen ook een van de meest opmerkelijke modernistische gebouwen van Valencia. Kenmerkend zijn de stalen ornamenten, de kleurrijke glasramen en het typisch mediterraanse keramiekwerk. Wij proefden van de levendige sfeer van een typisch Spaanse markt.
-La lonja de la Seda (de zijdebeurs) is een prachtig Gotisch bouwwerk en werd gebouwd tijdens het hoogtepunt van de economie van Valencia in de 15e eeuw. De economie was gericht op handel met het Middellandse Zeegebied, waarin Valencia een belangrijke plek in nam op het gebied van textielnijverheid. Tony we bezochten het hoor!!!
-Via Plaza de la Reina fietsten we naar Plaza de la Virgin met zijn historische bezienswaardigheden, zoals de kathedraal, de achthoekige kerktoren Miguelete en de Capilla del Santo Cáliz (waarvan beweerd wordt dat het de enige plaats is waar de heilige graal thuis hoort). We staken de groene long over om ons onder te dompelen in het Museo de Bellas Artes, dat ook wel Museo San Pio V wordt genoemd. Het museum wordt maar al te vaak bestempeld als het mooiste museum van Spanje. We genoten niet enkel van de vele Valenciaanse religieuze primitieven en de prachtige werken uit de Renaissance, maar bewonderden ook het mooie gebouw. Het Museum van Schone Kunsten is gehuisvest in een oud klooster. De mooie architectuur en schaduwrijke patio’s bieden een fraaie meerwaarde voor deze bezienswaardigheid. Het was er rustig en stil zoals het in een museum betaamd. Een groot contrast wanneer we na ons cultureel peil op niveau gebracht te hebben de drukte en het getoeter trotseerden, want het was ondertussen 15u30 en onze magen gromden lustig mee.
De grootste winkelwijk ligt rond het Plaza del Ayuntamiento en reikt tot de straten Calle Don Juan de Austria en Calle Colón. Valencia is het paradijs van de schoenen en wat denk je? Moeilijk kiezen, maar het lukte.
-El Mercado Central is de plaats bij uitstek waar al eeuwen handel gedreven wordt. Pas aan het begin van de 20ste eeuw kregen de marktkramers er hun eigen overdekte ruimte, die tussen 1910 en 1928 gebouwd werd. Hiermee was het meteen ook een van de meest opmerkelijke modernistische gebouwen van Valencia. Kenmerkend zijn de stalen ornamenten, de kleurrijke glasramen en het typisch mediterraanse keramiekwerk. Wij proefden van de levendige sfeer van een typisch Spaanse markt.
-La lonja de la Seda (de zijdebeurs) is een prachtig Gotisch bouwwerk en werd gebouwd tijdens het hoogtepunt van de economie van Valencia in de 15e eeuw. De economie was gericht op handel met het Middellandse Zeegebied, waarin Valencia een belangrijke plek in nam op het gebied van textielnijverheid. Tony we bezochten het hoor!!!
-Via Plaza de la Reina fietsten we naar Plaza de la Virgin met zijn historische bezienswaardigheden, zoals de kathedraal, de achthoekige kerktoren Miguelete en de Capilla del Santo Cáliz (waarvan beweerd wordt dat het de enige plaats is waar de heilige graal thuis hoort). We staken de groene long over om ons onder te dompelen in het Museo de Bellas Artes, dat ook wel Museo San Pio V wordt genoemd. Het museum wordt maar al te vaak bestempeld als het mooiste museum van Spanje. We genoten niet enkel van de vele Valenciaanse religieuze primitieven en de prachtige werken uit de Renaissance, maar bewonderden ook het mooie gebouw. Het Museum van Schone Kunsten is gehuisvest in een oud klooster. De mooie architectuur en schaduwrijke patio’s bieden een fraaie meerwaarde voor deze bezienswaardigheid. Het was er rustig en stil zoals het in een museum betaamd. Een groot contrast wanneer we na ons cultureel peil op niveau gebracht te hebben de drukte en het getoeter trotseerden, want het was ondertussen 15u30 en onze magen gromden lustig mee.
Extra: La Noche de San Juan - oftewel de nacht van San Juan - wordt in heel Spanje rond middernacht op het strand gevierd, ter inwijding van de zomer. In Valencia wordt dit feest over de gehele lengte van het strand gevierd en waar waren wij??? : Playa de Las Arenas en Playa de la Malvarossa. Het is een groot drink - eet -en vuurfestijn, want de traditie luidt dat iedereen op het strand een klein vreugdevuur: “fogueros” (hoguera: vreugdevuur) mag aansteken. Een andere oude San Juan traditie houdt in dat als je over het vuurtje springt, je een wens mag doen, dat hebben we niet gedaan. Wil je een groot strandfeest meemaken met strandvuurtjes, concerten en ter afsluiting een spectaculair vuurwerk, dan moet je zeker naar de nacht van San Juan gaan. En neem vooral je eigen drank mee, want dat hoort erbij. En dat deden we dan natuurlijk ook. Zoiets missen zou een grote flater zijn. Onze ogen prikten wel van al de rook van die vuurtjes, maar dat namen we er bij. Roger werd er high van, maar we geraakten op de Antidote: “no comment”.


Geen opmerkingen:
Een reactie posten